Heb je klachten?
Krijg direct advies van de doctor assistent
Pancreasinsufficiëntie exocrien: herkenning, behandeling en leven met de diagnose
Exocriene pancreasinsufficiëntie (EPI) leidt tot slechte vertering door tekort aan alvleesklierenzymen. Vettige ontlasting, gewichtsverlies en een opgeblazen gevoel zijn typische klachten.
In het kort
Exocriene pancreasinsufficiëntie (EPI) leidt tot slechte vertering door tekort aan alvleesklierenzymen.
Vettige ontlasting, gewichtsverlies en een opgeblazen gevoel zijn typische klachten.
Behandeling bestaat uit enzymcapsules bij elke maaltijd en vaak vitamine-suppletie.
Een diëtist en MDL-arts zijn onmisbaar voor optimale begeleiding.
Wat is exocriene pancreasinsufficiëntie?
Exocriene pancreasinsufficiëntie (EPI) betekent dat je alvleesklier onvoldoende spijsverteringsenzymen aanmaakt. Hierdoor kunnen vetten, eiwitten en koolhydraten uit voeding niet goed worden verteerd, wat zorgt voor verschillende klachten. EPI komt vaak voor bij chronische pancreatitis, cystische fibrose en na een operatie aan de alvleesklier. De alvleesklier is belangrijk voor de vertering en wanneer die niet goed werkt, heeft dat grote gevolgen voor je voedingstoestand. Mensen met EPI lopen daardoor risico op tekorten en symptomen die het dagelijks leven beïnvloeden.
Naast EPI kunnen aandoeningen zoals non-alcoholische leververvetting (NAFLD) het spijsverteringsstelsel extra belasten.
Vind een zorgverlener in de buurt
Herken de symptomen
Typische klachten bij EPI zijn vettige, volumineuze ontlasting (steatorroe), gewichtsverlies, een opgeblazen gevoel en winderigheid. Deze symptomen ontstaan doordat vetten en andere voedingsstoffen niet goed worden opgenomen. Je moet vaak je voeding aanpassen, bijvoorbeeld door kleinere, vetbeperkte maaltijden te nemen om klachten te verminderen. Regelmatige controle van het gewicht en voedingstoestand is belangrijk, omdat tekorten aan energie of vitamines snel kunnen optreden. Zo blijf je alert op veranderingen en kun je samen met je behandelaars tijdig bijsturen.
Soms kan er ook sprake zijn van klachten die lijken op diabetes type 2 en de rol van overgewicht, zeker als de pancreasfunctie verder afneemt.
Diagnose: hoe wordt EPI vastgesteld?
De diagnose EPI wordt meestal gesteld met een fecale elastase-test. Hierbij wordt elastase, een enzym uit de alvleesklier, gemeten in de ontlasting. Een lage elastase-waarde wijst op onvoldoende enzymproductie door de alvleesklier. Dit helpt om EPI te onderscheiden van andere oorzaken van spijsverteringsklachten. De test is eenvoudig uit te voeren, en geeft snel duidelijkheid bij klachten zoals vettige ontlasting en gewichtsverlies.
Heb je deze klacht of twijfel je?
Doe de gratis klachtencheck
Behandeling en leven met EPI
De behandeling van EPI bestaat uit het slikken van pancreasenzymen in capsulevorm bij elke maaltijd. De hoeveelheid enzymen die je nodig hebt, wordt afgestemd op het vetgehalte van je voeding. Vaak is het nodig om extra vetoplosbare vitamines (A, D, E, K) te slikken, omdat deze door het enzymtekort niet goed worden opgenomen. Dieetadvies door een diëtist is belangrijk om tekorten te voorkomen en klachten te verminderen. Je leert bijvoorbeeld hoe je maaltijden kunt samenstellen en waar je op moet letten bij het kiezen van voedingsmiddelen.
Regelmatige controle van je gewicht en voedingstoestand hoort bij de behandeling. Als de klachten niet afnemen, wordt soms de dosering van enzymen verhoogd of gekeken naar therapietrouw: slik je de capsules op het juiste moment en in de juiste hoeveelheid? De begeleiding gebeurt meestal door een maag-darm-leverarts (MDL-arts) en een diëtist. Zij kunnen ook adviseren over aanpassingen, zoals het nemen van kleinere, vetbeperkte maaltijden en het monitoren van je vitamine-inname.
Voor mensen die naast EPI ook risico lopen op diabetes type 2 door leefstijl, is het extra belangrijk om voeding en enzymtherapie goed af te stemmen. Via DoctorEve kun je zorgverleners vergelijken op wachttijd en locatie.
Veelgestelde vragen
Welke voeding is het beste bij EPI?
Je kiest het beste voor kleinere, vetbeperkte maaltijden en laat je adviseren door een diëtist om tekorten te voorkomen. Extra vetoplosbare vitamines zijn vaak nodig. Zo houd je je voeding in balans en vermindert je klachten.
Moet ik levenslang enzymen slikken?
Meestal moet je bij EPI levenslang pancreasenzymen slikken bij elke maaltijd. Dit is nodig omdat de alvleesklier blijvend onvoldoende enzymen aanmaakt. De dosering kan wel variëren afhankelijk van je voeding.
Wat als ik ondanks behandeling klachten houd?
Als klachten blijven bestaan, wordt gekeken naar de dosering van enzymen en of je ze goed inneemt. Soms is het nodig de dosis te verhogen of extra vitamine-suppletie te starten. Je MDL-arts en diëtist helpen om de behandeling aan te passen.
Geschreven en medisch beoordeeld door Dr. H.A. (Aernout) Zuiderbaan
Orthopedisch Chirurg · Medische Kliniek Velsen
Gepubliceerd op 1 december 2025
Dit artikel is bedoeld voor algemene informatie en vervangt geen medisch advies. Neem bij klachten altijd contact op met je huisarts of een andere zorgverlener.